MOP - Prosper en z'n misdienaars
Graag uw opmerkingen en andere interessante informatie. Bezoek ons Forum.
Het is alweer meer dan 50 jaar geleden dat Prosper Hutsebaut, ceremonarius en kerkbaljuw, overleed. Doch, bij de oudere Zwijndrechtenaren is hij nog goed gekend en zeker en vast nog niet vergeten.
Voor hij in 1942 in de kerk aan de slag ging, had hij al heel wat beleefd. De familie Hutsebaut verhuisde in 1905 naar de staat Washington in de USA en zou naar België terugkeren in 1912. Na een schooltijd in Zwijndrecht en Beveren gaat hij naar de vakschool aan de Londenstraat en studeert er in 1923 af als briljanteur, een diamanbewerker die kleine oppervlakten bewerkt. Een jaar later voldoet hij z’n militaire dienstplicht en werkte daarna te Borgerhout als diamantslijper. In 1932 overleed zijn vader en werd hij kostwinner voor het gezin.
Tijdens de tweede Wereldoorlog was hij terug gemobiliseerd, doch werd te Knesselare krijgsgevangene genomen en naar kampen te Wesel, Mannheim en Nürnberg gestuurd. In 1940 al kwam hij zwaar ondervoed naar huis terug. Directeur Paul D’haese1 zorgde er voor dat Prosper af en toe werkjes aan en in de school kon uitvoeren. In 1942 ging hij dan in de kerk werken. In 1943 werd hij in de functie van kerkbaljuw2 benoemd.
Doch hij was zo veel meer. Hij zorgde dat de kerkstoelen mooi op rij stonden, zorgde voor de orde en netheid in de kerk, ging de minder bekende heiligenbeelden nog eens extra oppoetsen aangezien die wat uit het zicht stonden, werkte mee aan de voorbereiding van de drie jaarlijkse processies3 en de veldvieringen, zette de kerststal in de kerk op en was wijkmeester van de Heilig Hartbond.
De laatste klokkenluiders van Zwijndrecht (Prosper Hutsebaut, Cyrille Truyman en Frans Pijl (1959)
Verder was hij ijveraar voor de werken van de heilige Don Bosco4, bestuurslid van allerlei plaatselijke geloofsgenootschappen, verkocht relieken van de Heilige Machutus5, was één van de drie laatste klokkenluiders, was ordebewaker tijdens de verschillende kerkelijke ceremoniën6 en ging rond bij het ophalen van het stoeltjesgeld7.
Elke week schreef hij brieven naar de Zwijndrechtse missionarissen. Gedurende 25 jaar leidde hij de MOP: Misdieners in Opleiding bij Prosper. ’t Was een hele hoop werk dat hij steeds met de glimlach verrichte.
Prosper Hutsebaut met de Sint Martina en Sint Machutusklokken (1969)
Hij maakte vier pastoors8 mee, twee kosters en ondervond de invloed van het Tweede Vaticaanse Concilie. Van missen in het Latijn waarbij de pastoor met z’n rug naar de gelovigen stond, ging het naar misvieringen in de eigen taal met een pastoor die naar zijn toehoorders keek.
De processies en de veldvieringen gaan al lang niet meer uit, kerken gaan dicht bij gebrek aan priesters en het aantal aanwezigen bij misvieringen is sterk afgekalfd. De vele taken die Prosper op z’n eentje uitvoerde worden nu verdeeld onder de leden van het parochiaal team.
Sinds 1945 woonde Prosper ‘in ’t klooster’, bij de Zusters van de Kindheids Jesu en dit op voorspraak van zijn zus, zuster Agnes-Marie. Zaterdag 21 december 1974 was hij op de mooie leeftijd van 70 jaar en na 53 werkjaren nog in de kerk bezig geweest met het opstellen van de kerststal. Hij voelde zich erg slecht en werd naar de kliniek in Beveren gebracht. Hij overleed er een dag later en zou in ‘zijn’ kerk ten grave gedragen worden.
Tekst: Mireille Schaekers
Bronnen: Willy De Bock, Gerard Van Gerven en Herman Stroobandt (leden van het parochiaal team)
Foto’s en documentatie: fotoboek ‘Parochie Heilig Kruis van 1900 tot 1999’, Rijksarchief Antwerpen: archief van de Heilig Kruisparochie te Zwijndrecht-overdracht 2021.
Noten:
1 Zie ook portretje december 2022
2 Zie ook portretje april 2014
3 Zie ook het artikel ‘Van pracht en praal tot volksdevotie- processies in Burcht, Zwijndrecht en het Vlaams Hoofd’ in jaarboek 2022, online te lezen op de website van de Heemkundige Kring Zwijndrecht Burcht
4 Heilige gekend voor zijn toewijding aan de jeugd en voor in die tijd vernieuwende pedagogische methodes. Bron: www.wikipedia.org
5 Zie ook portretje oktober 2015
6 Dit waren onder andere het doopsel, het huwelijk en het overlijden
7 Stoeltjesgeld: geld dat tijdens de misviering opgehaald werd voor het onderhoud van de kerk
8 In chronologische volgorde waren dit: pastoor Verdoorent, pastoor De Wilde, pastoor De Rijck en pastoor Van Rompaye. De kosters waren Antoine Van Landeghem en Leo Van Remortel.